Tommy

Voor 31 juli hadden we kaartjes gekocht voor Tommy, de Rock Opera die 50 jaar na de Wereldpremière van The Who in het Concertgebouw in Amsterdam, daar opnieuw werd opgevoerd nu door Lucas Hamming & Friends. Mijn vriend Rudy was er toen ook bij geweest op 29 september 1969.

 

Dit keer had hij zijn plakboek met aandenkens aan dat vorige concert meegebracht en zodra wij onze plekken op de derde rij hadden ingenomen en hij het programma van 1969 uitstalde, raakte hij met de buurman voor hem in gesprek. Die was 50 jaar geleden ook bij het concert van The Who geweest.

 

Intussen begon de zaal aardig vol te lopen met veel oudere jongeren, maar ook echte jongeren, aangestoken voor deze muziek door hun ouders. ’s Morgens had ik in de trein gezeten een gesprekje met de conducteur gehad en hem verteld dat ik die avond naar Tommy zou gaan. Nou, The Who kende hij, hij vond die muziek ook fantastisch. Zijn vader had hem daar enthousiast voor gemaakt.

Intussen waren wij enkele plaatsen naar het midden opgeschoven omdat onze buren van de rechterkant graag aan de zijkant wilden zitten. Die buurman keek eveneens met belangstelling naar Rudy’s parafernalia.  Toen Lucas Hamming & Friends begonnen te musiceren, was de gelijkenis met de nummers zoals The Who die uitvoerden, verbazingwekkend. Wat zette de groep deze muziek op geweldige wijze neer.

Tussen de muziek door voerde Lucas op relaxte en humoristische wijze het woord met wetenswaardigheden over de Rock Opera en over de invloed van The Who en andere muziek uit de jaren zestig op hem. Hij bedankte zijn ouders, in de zaal aanwezig, dat ze hem tijdens zijn conservatoriumopleiding steunden in het bereiken van zijn doelen.

Het publiek in de zaal raakte buiten zinnen, er werd flink geapplaudisseerd na elk nummer, mee bewogen en gedanst. Na het slotapplaus volgden enkele toegiften.

Na afloop liepen wij naar onze OV-fietsen, leverden ze op Amstel in en stapten in de sprinter richting Breukelen. En weer raakte Rudy in gesprek, nu met een jonge vrouw die met haar moeder naar Tommy was geweest.

Zij hadden evenals wij in Amsterdam gewoond. Het wonen in een dorp verhinderde ons allen niet om ’s avonds te genieten van dit stadse genoegen.

xxx

© Pauline Wesselink

Klik hier om nog even na te genieten

Advertenties
Geplaatst in Dorp Maarssen | Een reactie plaatsen

Een bijzonder avonduitje

Ellen ten Damme bij de kaartverkoop op De Parade

De laatste dagen van juli brachten ons in de verleiding tot bijzondere uitjes. Voor maandag de 29e had ik kaartjes besteld voor de voorstelling En Route van Ellen ten Damme en band op De Parade in Utrecht. Mijn vriend en ik zijn al jaren fan van Ellen ten Damme “de alleskunner”. Het is alweer bijna twee jaar geleden dat we haar met mijn broer en zussen omstreeks kerst zagen optreden in het DeLaMar Theater in Amsterdam met tamme ekster Arie op haar schouder. Na afloop kocht ik de cd Berlin. Ellen stond zelf in haar verkoop-stand. Ik vertelde haar dat ik de cd voor mijn broer kocht, die haar niet kende maar nu helemaal weg van haar was. ‘Wie is je broer?’ wilde ze weten. Ik wees naar iemand in de koffielounge. ‘Die serieuze man daar.’ Ze keek geïnteresseerd en was vreselijk aardig.

Maandag was de hitte voorbij, de avond was zeer aangenaam. Omstreeks half vijf slenterden we over het Paradeterrein, drie minuten lopen vanaf station Utrecht. Er waren veel kinderen, die zich goed vermaakten. Tot ’s avonds laat zag ik dat alle plaatsen van de zweefmolen continu bezet waren.

 

Het hoogste bakstenen gebouw (met 22 miljoen gemetselde stenen) van Nederland, bijgenaamd De Inktpot, hoofdkantoor van ProRail aan het Moreelsepark, torent boven het terrein uit. Ervoor staat het in 1949 onthulde Monument voor Gevallen Spoorwegpersoneel.

Aan het eind van het terrein zagen we dat Groep Bart Hoevenaars ook een optreden gaf. Aangezien mijn vriend onlangs met een wedstrijd van Onze Taal de cd van Bart met zijn muziek op gedichten van Leo Vroman won, leek het ons leuk hem in levende lijve te horen. Om vijf uur zaten we in een volle tent te luisteren naar Groep Bart Hoevenaars speelt Leo Vroman, Bart (zang en gitaar), Caroline Kamp op contrabas en Frank Jonas op elektrische gitaar. Indrukwekkend en mooi om te zien hoe zij in een voorstelling van 20 minuten een impressie gaven van de poëzie van Leo Vroman en het leven van hem en zijn vrouw, Tineke.

 

Na een burrito, razendsnel door het personeel van de Taco & Burrito Bar afgeleverd en een goeie cappuccino van een barretje aan de overkant, kwamen we in een stampvolle tent met honderden toeschouwers voor het optreden van Ellen ten Damme en band.

 

 

Dit keer bleek de zoals altijd verrassende energiebom Ellen ten Damme Arabisch te kunnen zingen (naar Fairuz) en heel verdienstelijk te kunnen buikdansen. Ze heeft ons weer niet teleurgesteld, we blijven fan.

xxx

© Pauline Wesselink

Geplaatst in Dorp Maarssen | Een reactie plaatsen

Van Woerden naar Breukelen

Op de aangename laatste zondag van juli maakte ik met een groep van vijf de Hollandse Kade NS-wandeling van Woerden naar Breukelen.  We zouden met ons drieën vanaf Maarssen naar station Breukelen fietsen. Op het laatst gingen we toch met de auto omdat onze vriend Sjef even langs zijn moestuin aan het Zandpad wilde rijden om die te besproeien. Dat was hard nodig met

 

de record warmtedagen achter de rug. We vertrokken wegens treinuitval een halfuur later uit Breukelen, maar we kwamen mooi in acht minuten in Woerden aan. Een vriendin uit Amsterdam bevond zich al in de trein en op het station van Woerden voegde zich een vriend uit Den Haag bij ons. Vanaf het begin is het lekker lopen langs de brede singelgracht en het jaagpad van de Oude Rijn, de noordgrens van het Romeinse Rijk.

 

Tegen dit eerste langeafstandsjaagpad van Holland dat dateert uit 1664 dankzij het driestedenoverleg Leiden-Woerden-Utrecht, was verzet. Op een sierlijke legpenning uit die tijd stond de volgende tekst: ‘Het jaegpadt lang verwacht, Spijt wangunst, nu volbracht, Spijt boeren domme-kracht, Ciert aan de Rhyn drie steeden. ’t Is wonderlyk bedacht. Gelukkigh uitgewracht. Niet door ontrou of maght, maar yver, gelt en reeden.’

Na zes kilometer hielden we in Putkop koffiepauze in de tuin van een landelijk café aan het water met appel- en pruimenbomen om ons heen. Een bakje heerlijk zoete pruimen werd erbij geserveerd. De eigenaresse van Boomgaard De Oude Rijn vereeuwigde ons met de camera van Ingeborg.

Hierna liepen we de Hollandse kade op, een  lijnvormige, aarden waterkering. Kades in het Hollandse en Utrechtse veenweidegebied beschermden ontgonnen en in cultuur gebrachte moerasgronden tegen wateroverlast en bleven in gemeenschappelijk eigendom en beheer van de boeren. Erop werden vaak geriefbomen geplant, waarvan de boeren het hout gebruikten.

Zo liepen we deels beschut door bomen over de kade, waarna we in Luilekkerland kwamen. De boeren die het land in opdracht van de landheer ontgonnen, waren horigen. Om het werk aantrekkelijker te maken, werden mooie namen gekozen als Kockengen (afgeleid van Pays de Cocagne -Luilekkerland). Nu worden de veenweiden vooral gebruikt door melkveehouderijen.

De kerktoren van Kockengen zagen we al uit de verte. We hadden verwacht in het eetcafé onze tweede koffie te kunnen nuttigen , maar dat was helaas wegens vakantie gesloten.  Er is nog een café in de kerk: Abrona Kunst & Koffie, maar dat is op zondag gesloten.

 

 

Dan maar een boterhammetje opeten op het bankje voor de bakkerij. De plaats heeft 3290 inwoners en behoort evenals Maarssen en Breukelen tot de gemeente Stichtse Vecht.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Hierna gaat het richting Breukelen, waarbij we bij buurtschap Portengense brug de brug zagen ophalen door de brugwachter.

Zij doet dit werk zeven dagen per week en als de eerste brug gedaan is, rijdt zij snel met de auto naar de tweede, want die bedient zij ook. De passagiers in de sloep groeten haar dankbaar. Nog even en we zijn terug bij het beginpunt in Breukelen. De Hollandse Kade NS-wandeling, die deels samenvalt met het Floris V pad, is heel mooi en rustig, waarbij we voornamelijk over groene paden liepen en nauwelijks verkeer tegenkwamen.

*

Bronnen: Wandelnet: Hollandse Kade NS-wandeling Woerden-Breukelen

Lud. Smids, Oorlogend Europa, of een korte chronyk van het voorgevallene in Staat en Oorlog.  Te Amsteldam by Johannes Oosterwyk en Hendrik van de Gaete 1715

xxx

© Pauline Wesselink

 

Geplaatst in Dorp Maarssen | Een reactie plaatsen

De begraafplaats van de ‘Jodenhemel’

 

 

 

 

 

 

Vaak loop of fiets ik langs de Machinekade, ik wist door verhalen en documenten dat daar ergens de oude Joodse begraafplaats is. Omdat deze een beetje achteraf ligt en alleen kan worden bereikt via een hek dat normaal gesloten is, was ik er nog nooit geweest. Nu het Vechtstreekmuseum de excursie ‘Sporen van een Joods verleden’ organiseerde, kon ik vanmiddag voet zetten op de begraafplaats van de ‘Jodenhemel’. Zo werd Maarssen vroeger genoemd, omdat er zich vanaf eind zeventiende eeuw grote aantallen Joden vestigden. Zij hebben een flink stempel gedrukt op de ontwikkeling van het dorp. Na een rondleiding door het museum wandelden we met de gids over het terrein. Het was boeiend te horen over de geschiedenis en de grafstenen, waarvan er

 

 

 

 

 

 

 

overigens maar vier te zien zijn. De meeste liggen – door de tijd in de zachte veengrond verzakt – diep voor ons verborgen. Leon de Bok heeft de geschiedenis van deze begraafplaats mooi beschreven op de website Dodenakkers.

Door de excursie van het museum ben ik vanmiddag een ervaring rijker geworden.

xxx

© Pauline Wesselink

Geplaatst in Dorp Maarssen | 3 reacties

Kasteel de Haar

Op zo ongeveer de warmste dag van het jaar logeerde mijn zus bij me. Wat te doen in deze hitte?

Na een beetje brainstormen leek het ons een uitgelezen moment om het grootste kasteel van Nederland te bezoeken. Daar binnen moest het wel koel zijn. Na de lunch vertrokken we. In 20 minuten bereikten we het dorp Haarzuilens en zette ik de auto op het parkeerterrein van Kasteel de Haar.

Het was indrukwekkend om het enorme gebouw voor het eerst in het echt te zien. Eind 19e eeuw erfde baron Etienne van Zuylen van Nijevelt van de Haar het toen zwaar vervallen kasteel, dat in 1391 al genoemd werd. Voor we de rondleiding om twee uur kregen, hadden we een half uur om alvast de Main Hall te bekijken, iets wat sommigen liggend op de vloer deden om het plafond goed te kunnen bestuderen.

Met de gids zagen we een gastenvertrek (met badkamer) en ook kamers waar het personeel sliep. Ondertussen bekeken we allerlei details en kregen we veel informatie. De baron trouwde met de schatrijke Hélène de Rothschild, telg uit een bankiersfamilie. Hij had haar ontmoet op een bal masqué in Parijs, waar hij was uitgedost als Hercules met de knots. Door dit huwelijk kwamen er voldoende middelen beschikbaar om het kasteel te laten herbouwen. Architect Pierre Cuypers, specialist van de neogotiek, bekend van het Rijksmuseum en Centraal Station in Amsterdam, werd als bouwmeester aangetrokken.

Tussen 1892 en 1912 herontwierp en bouwde Cuypers met zijn zoon het kasteel. Wat er nog was van het originele muurwerk van de ruïne werd behouden, het kasteel werd vergroot, de binnenplaats kreeg een overdekking en galerijen werden toegevoegd. Het kreeg centrale verwarming, een personenlift en koud en warm stromend water in alle slaapvertrekken. Er werd ook elektriciteit aangelegd, uniek in die tijd, zelfs Paleis Het Loo had dit toen nog niet. Het vijfhoekige grondplan bleef ongewijzigd. Er kwam een grootse entree; aan die zijde van het kasteel (waar maar een verdieping was) kwamen extra etages.

Oorspronkelijk was het kasteel van een lid van de familie Van der Haar, die als dienstman van de Prins-bisschop van Utrecht een versterkt huis bouwde. Hoe het eruit zag, is niet bekend. In de 15 eeuw trouwde Josina van de Haar met Dirk van Zuylen, waardoor het overging naar diens familie. Na verwoesting van het kasteel in 1482 bij twisten tussen de bisschop en de stad Utrecht, werd het waarschijnlijk herbouwd in de vijfhoekige vorm. Stormen en oorlogen hebben hun sporen er achtergelaten totdat Etienne en Hélène het in bezit kregen.

Op de glas-in-loodramen staan afbeeldingen van belangrijke historische gebeurtenissen, zoals de presentatie van de Charter van Utrecht in 1375. Dit document waarin rechten en plichten van de stad en de verschillende standen staan vermeld, werd getekend door o.a. 15 leden van de familie Van Zuylen. Er zijn ook vele 19e eeuwse ambachtelijke decoraties, ontworpen door Cuypers, aan de wanden, het plafond en op meubels.

De aanleg van de kasteeltuinen nam landschapsarchitect Hendrik Copijn op zich. Het werd afgestemd op Cuypers’ ontwerp van het kasteel, het hele dorp Haarzuilens werd ervoor verplaatst. Er werden 7.000 grote bomen voor aangevoerd, een sensatie in die tijd.

Na de rondleiding konden we andere kamers van de familie zelf bekijken, ook badkamers en keuken. Het werd traditie dat de familie van Zuylen elk jaar in de maand augustus, later in september het kasteel bewoonde en belangrijke gasten uitnodigde onder wie Koningin Emma, Coco Chanel, Maria Callas en Yves Saint Laurent. Ook Brigitte Bardot, Gina Lollobrigida, Joan Collins, Roger Moore en Gregory Peck waren van de partij.

 

De financiële lasten van het kasteel werden te zwaar voor baron Thierry van Zuylen van Nyevelt (1932 – 2011), de kleinzoon van Etienne. In 2000 werden het kasteel en het park daarom eigendom van de Stichting Kasteel De Haar. De Vereniging Natuurmonumenten kocht het domein van 350 ha en onderhoudt de wandelpaden. Je kunt dan ook schitterend wandelen in het park, maar wij liepen slechts naar het Tuynhuis voor een kopje thee. Het was te warm. Ik kom graag een andere keer terug om alle monumentale bomen, de hertenkamp en de Riviervijver (Serpentine) te bewonderen en langs de lange Kruisvijver (Grand Canal) te flaneren.

xxx

Bronnen:

https://www.kasteeldehaar.nl/

http://www.geschiedenisbeleven.nl/kasteel-de-haar-een-familiemuseum-voor-de-baron/

© Pauline Wesselink

 

Geplaatst in Dorp Maarssen | 2 reacties

Nijenrode

Vanmiddag was er weer een excursie van Museum Vechtstreek naar een bestemming die we nog niet kenden: Kasteel Nijenrode in Breukelen aan de Vecht, in de dertiende eeuw gesticht door Gerard Splinter van Ruwiel. De naam Nijenrode betekent nieuwe ontginning.

Met een flink aantal mensen die zich net als wij hiervoor hadden opgegeven, wandelden we onder leiding van gids Rob van Mourik door het uitgestrekte park, dat oorspronkelijk als Franse tuin was ontworpen, wat nog te zien is aan de paden die haaks op elkaar staan. We kregen een mooi beeld van het kasteel, de rozentuin waarin een met goudblad gedecoreerd prieel met bovenop een (niet werkende) zonnewijzer en de lindelaan, waar de bomen zo gesnoeid zijn dat ze een bladerdak vormen. Zo konden dames in vroeger tijden buiten zijn zonder dat ze in de zon liepen en toch een witte huid houden, de mode in die tijd.

We zagen vijvers met bijzondere bruggetjes, smeedijzeren hekken, mooie vergezichten, Virginiaherten (witstaartherten), Zuid-Amerikaanse nandoes en pauwen. We hoorden de klok luiden van het kasteel, het enige in Europa met een carillon. Ondertussen vertelde Van Mourik over de bewogen geschiedenis van Nijenrode, waar vaak door de graven van Holland en de bisschoppen van Utrecht om gestreden is. In 1481 is het kasteel verbrand, waarna bisschop David van Bourgondië het liet herbouwen. De bevolking van Utrecht verwoestte het in 1511, de Fransen staken het in 1673 in de fik. Twee jaar daarna kocht en verbouwde de Amsterdamse koopman jhr. Johan Ortt het kasteel, waar zijn familie tot halverwege de negentiende eeuw verbleef. Er was een tijdje een kostschool gevestigd, het raakte in verval, maar werd vanaf 1907 door koffiehandelaar Michiel Onnes gekocht en hersteld naar de toestand zoals het in 1632 was en ook vergroot met een donjon.

In 1930 kwam het in bezit van Jacques Goudstikker, die zijn kunstverzameling erin herbergde. Hij kocht het prieel met de zonnewijzer met opschrift: horas non numero nisi serenas (ik tel alleen de zonnige uren). Een identiek prieel staat in de Jardin des Plantes in Parijs. Hij overleed in 1940 op zijn vlucht voor de nazi’s, die Nijenrode tijdens de bezetting vorderden. Na de oorlog vestigde Stichting Nijenrode Instituut voor Bedrijfskunde er zich, sinds 1950 is zij eigenaresse.

We zagen het rustig gelegen Plesmanhotel achter een schitterende treurwilg. Toen was het tijd voor koffie of thee in het gebouw van de Nyenrode Business Universiteit. Tenslotte mochten we naar de kunsttentoonstelling van de KPN op de eerste etage, een bijzonderheid, want alleen toegankelijk voor mensen van de Universiteit.

Bronnen:

Toelichting van de gids

E. Munnig Schmidt en J.J.M.A.M. Jonker-Duynstee, Vechtgids – Culturele gids voor de Vechtstreek. Speciale uitgave ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan van Oudheidkundig Genootschap Niftarlake 2012

https://www.nyenrode.nl/ervaar-nyenrode/kasteel-en-landgoed/landgoed

xxx

© Pauline Wesselink

Geplaatst in Dorp Maarssen | Een reactie plaatsen

Goudestein

IMG_9391 (1)

De tuin aan de Vecht gezien vanaf de toegangstrap van Goudestein

Elke keer wanneer mensen voor het eerst op bezoek komen in onze nieuwe woning, nemen we hen mee naar de dichtbij gelegen buitenplaats Goudestein. Begin 17e eeuw werd het oude Goudestein in opdracht van Joan Huydecoper, heer van Maarsseveen en burgemeester van Amsterdam, aangebouwd aan de door zijn vader gekochte boerderij De Gouden Hoeff die hij geërfd had. De architecten waren Jacob van Campen en Philip Vingboons.

Geinspireerd door een studiereis naar Italië ontwierpen zij de buitenplaats in de Hollands classicistische stijl. Hoe het huis eruit zag weten we dankzij Jan van der Heyden, die het in ca. 1680 schilderde. In 1754 werd het afgebroken en kwam het huidige neoclassicistische Goudestein ervoor in de plaats.

Het is nog steeds een lustoord: de schitterende tuin vol bomen, een grote vijver met een fontein en het huidige gebouw dat in opdracht van Sophia van der Muelen, de weduwe van een latere Joan Huydecoper, werd neergezet. In 1955 kocht de gemeente Maarssen het van de familie, zes jaar later kreeg het de bestemming van gemeentehuis.

Toen ik vorig jaar – ik woonde pas net in Maarssen – daar rondliep, vroegen twee mannen mij of ik van hen een foto voor het gebouw wilde maken. Ze waren er jaren geleden getrouwd en komen er nog elk jaar op hun trouwdag heen, ditmaal op de fiets vanaf Den Haag. Ze bleven een nacht in een hotel met zwembad slapen.

Afgelopen zondag was er door het Vechtstreek Museum een rondleiding georganiseerd door Goudestein. Ik kende het gebouw nog niet van binnen en vond het een mooie gelegenheid het te zien. Drie mensen zouden die dag bij ons komen lunchen, gelukkig vonden zij ’t leuk om mee te gaan. De groep verzamelde zich op deze warme, zonnige julidag in de Oranjerie, we liepen gezamenlijk naar de Trouwzaal, waar gids Ad van Dongen zijn verhaal vertelde over de geschiedenis van de buitenplaats. Vervolgens kregen we een rondleiding met ons veertienen. 

Beneden konden we verschillende standbeelden bewonderen van onder andere de zoon van de eerste Joan Huydecoper, die dezelfde naam als zijn vader droeg en leefde van 1625-1704. Hij was “Heere van Maarsseveen en Burgemeester en Raad der Stad Amsterdam”.

Op wikipedia vond ik de volgende informatie over hem, die dertien maal burgemeester van Amsterdam was (zijn vader was dat zes maal). ” Joan Huydecoper hield jarenlang een dagboek bij, waarin hij veel bijzonderheden noteerde, met wie hij dronk en rookte, hoe laat hij thuis kwam, en naar welke kerk hij ging, wat hij als geschenk had gekregen, meestal etenswaar, zaad of planten, maar ook een papegaai en een aap, die alle glazen omgooide. “De dagboeken waren vooral een lopende balans, waarin credit en debet werden gewogen – niet op het financiële, maar op het sociale vlak.”[7] Huydecoper was geobsedeerd door voortplanting en was daarin opmerkelijk openhartig; opvallend is zijn kwantitatieve benadering van het onderwerp. Hij vermeldde in 1659 steeds als hij met zijn vrouw de liefde had bedreven.

Een bordje bij een mooi schilderij van een volgende Joan Huydecoper (1693-1752) vermeldt dat hij Ridder van het Zweedse Rijk was en Heer van Maarsseveen, Neerdijk en Nigtevecht. In 1749 was hij burgemeester van Amsterdam en het was zijn weduwe die het nieuwe Goudestein liet bouwen.

Behalve de oude schilderijen die we konden bewonderen, hing er op de eerste etage ook een modern schilderij van Hélène Grégoire: Dorpsgezicht met de ophaalbrug over de Vecht in Breukelen. Zij blijkt een zus te zijn van de bekende beeldhouwer Pépé Grégoire, wiens naam ik leerde kennen door zijn beeld op het graf van Jules Annegarn (dat ik beschreef in het boek Paradijs Zorgvlied).

Op zolder zag ik een dagpauwoog voor een raam fladderen. Iemand uit de groep kon hem pakken, ik opende het raampje en zo redden we de vlinder van de hongerdood.

Het was een leerzame en genoeglijke rondleiding, waarbij we een mooi inkijkje kregen in de geschiedenis van de Vechtstreek en de connectie met Amsterdam. Ik zal nu met andere ogen naar de prachtige buitenplaats kijken wanneer ik weer eens een wandelingetje door het park maak.

 

NB De volgende info staat op een bord in de tuin van Goudestein:

Goudestein is in 1754 gebouwd op de plaats van een eerder buitenhuis met dezelfde naam. Het is een zeldzaam voorbeeld van een nog complete buitenplaats aan de Vecht met het huis, een park, een koetshuis met dienstwoning, het vroegere buiten Silversteijn, een bakhuisje, een oranjerie en een vijver. De tuin is grotendeels in Engelse landschapsstijl. In het voorjaar bloeien er diverse stinzenplanten. Aan voor- en achterzijde van de tuin bevinden zich twee fraaie achttiende-eeuwse toegangshekken. Het park is vrij toegankelijk. Het huis is gebouwd in de stijl van de Hollandse barok. Dat is onder meer te zien aan de fraaie ingangspartij met bordestrap, gelegen aan de Vechtzijde.

Oorspronkelijk lag hier een boerderij met de naam De Gouden Hoeff, in 1608 gekocht door Jan Jacobszoon Bal. Hij noemde zich ook wel Huydecoper. Zijn zoon, Ridder Joan Huydecoper van Maarsseveen, was koopman en burgemeester van Amsterdam. Hij was schatrijk geworden door zijn aandeel in de VOC. In 1628 laat hij de boerderij verbouwen tot een van de eerste buitenplaatsen langs de Vecht. Hij ontving hier beroemde dichters en andere kunstenaars. Tot 1955 was Goudestein in handen van de familie Huydecoper en Royaards. Tot 1938 werd het bewoond, daarna onder meer gebruikt voor de Sociale Jeugdzorg. De gemeente Maarssen kocht het in 1955 en nam het na een grote restauratie in gebruik als gemeentehuis in 1961.

Bronnen:

E. Munnig Schmidt en J.J.M.A.M. Jonker-Duynstee, Vechtgids – Culturele gids voor de Vechtstreek. Speciale uitgave ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan van Oudheidkundig Genootschap Niftarlake 2012

Juliette Jonker-Duynstee & Steven de Clercq, Gouden Bochten – Amsterdam en de Vechtstreek. Stichting het Vechtsnoer/Maarssen/2015

https://nl.wikipedia.org/wiki/Joan_Huydecoper_van_Maarsseveen_(1625-1704) https://www.delta.tudelft.nl/article/vriendschap-als-sociaal-kapitaal

Historische kring Maarssen

xxx

© Pauline Wesselink

 

 

Geplaatst in Dorp Maarssen | Een reactie plaatsen